Martenastins

De Martenastins waar Museum Martena sinds 2006 is gevestigd werd in 1506 gebouwd in opdracht van edelman Hessel van Martena. Zijn nazaten woonden hier tot aan 1696. Hierna werd het huis door Franeker welgestelden bewoond. Rond 1700 werd de bel-etage grondig aangepast. De oorspronkelijke ridderzaal werd in twee vertrekken en een statige gang verdeeld. De sfeer van die tijd is nog terug te vinden op deze verdieping van het museum. Op de bel-etage is de pronkkeuken, de schilderijen- of trouwzaal en de porseleinzaal te vinden. Aan een zaal over de geschiedenis van Franeker wordt gewerkt. In de kelder en op de zolder van de Martenastins is nog het meest van de oorspronkelijke sfeer van het 15de eeuwse gebouw terug te vinden. Op de tweede en derde verdieping zijn de tentoonstellingen over de Franeker universiteit, Anna Maria van Schurman en de Mechanische meesterwerken. In de Coba de Grootzaal, een ridderzaal met twee monumentale schouwen, zijn de tijdelijke tentoonstellingen.

Uit het boek Schieringer Fortuin van Rita Mulder-Radetzky het volgende citaat: Het Martenahuis staat aan de Voorstraat zuidzijde nummer 35. Het L-vormige stadshuis met toren, bekroond door een peervormige spits, is beeldbepalend in het centrum van de stad. Op oude kaarten zoals die van Jacob van Deventer (cicrca 1560) en van Pieter Bast (1598) is het gebouw al weergegeven. Op de laatstgenoemde kaart is de brede gevel van het voorhuis -toen vijf vensters breed- en de haaks hierop staande dwarsvleugel goed te zien. Het pand staat op een diep erf dat tot aan de Schilcampen doorloopt. Het perceel was vermoedelijk eerder Sjaarda-bezit, dat vererfde aan de familie Hottinga (Both van Hottinga was Hessel van Martena's vrouw red.). Tijdens archeologische opgravingen voorafgaand aan de restauratie van 2005 zijn sporen gevonden die op een ouder gebouw op deze plek wijzen. Het is niet ondenkbaar dat Hessel van Martena hier eerder een pand bezat.

Film Martenahuis